ArtsVan student naar arts: 5 tips om de eerste maanden door te komen

Van student naar arts: 5 tips om de eerste maanden door te komen
Naar actueel

Van student naar arts: 5 tips om de eerste maanden door te komen

De eerste maanden als arts komt er van alles op je af. Plotseling ben jij de dokter met de verantwoordelijkheid en werkdruk die daarbij hoort. Hoe ga je daar mee om? Vivianne Kox werkte het afgelopen jaar als arts-assistent in de ouderenpsychiatrie en start nu bij Talent & Care als arts-assistent bij het UWV. Op basis van haar eigen ervaring geeft Vivianne vijf tips om die eerste maanden als arts-assistent goed door te komen.

1. Ga in gesprek

Het heeft mij aangenaam verrast hoe open en eerlijk mensen zijn over wat ze zelf hebben beleefd in de eerste maanden na hun afstuderen. Vooral als je zelf aangeeft dat je de overgang van student naar arts best lastig vindt. Ga daarom eens het gesprek aan met afgestudeerde studiegenoten of basisartsen op je nieuwe werkplek. Het viel mij op dat eigenlijk iedereen in grote lijnen hetzelfde ervaart. Onzekerheid hoort bij de eerste fase na je afstuderen. Iedere beginnende arts denkt wel eens ’s avonds ‘heb ik wel alles gedaan wat ik moest doen vandaag?, of ‘doe ik het wel goed genoeg?’. Het is fijn om die onzekerheid te kunnen delen.

2. Vraag om hulp

Bespreek twijfels die je hebt met je supervisor. Je supervisor heeft deze fase als startend arts natuurlijk ook doorgemaakt en kan nuttige tips geven. Mijn supervisoren gaven bijvoorbeeld aan dat ik mijn ontslagbrieven beknopter mocht schrijven. Ook kreeg ik de tip om vooraf met patiënten te bespreken hoe lang een gesprek maximaal duurt. Op die manier kun je tijd te besparen. Dat hielp mij bij mijn timemanagement.

Daarnaast kan je supervisor je ondersteunen als de werkdruk en verantwoordelijkheden te groot zijn. In mijn ervaring gebeurt het niet zelden dat een afdeling onderbezet is. Hierdoor kunnen situaties ontstaan van overbelasting. Op de eerste afdeling waar ik werkte, was dit ook het geval. Het heeft mij geholpen dit met mijn supervisoren te bespreken. Zij konden er namelijk voor zorgen dat ik minder patiënten kreeg en dat er een nieuwe collega naar de afdeling kwam om ons te ondersteunen.

3. Werk aan jezelf

Bij welk specialisme je ook aan de slag gaat, stressvolle situaties zijn onontkoombaar. Zoek iets wat jou helpt te ontspannen, iets waardoor je goed kan omgaan met die stressvolle situaties. Om wat meer afstand te kunnen nemen van gebeurtenissen rondom mijn werk en gedachten die ik daarbij had, volgde ik een module mindfulness. Ik verbaas me er nog steeds over hoe rustgevend het kan zijn om te mediteren. Vooraf vond ik mediteren maar zweverig en had niet gedacht dat het iets zou zijn wat ik graag zou doen. Ik kan het dus iedereen aanraden om te proberen.

4. Zorg voor jezelf

Probeer in de eerste maanden van je werkende leven goede gewoontes te ontwikkelen. Wen jezelf bijvoorbeeld aan om iedere dag in de kantine te gaan lunchen in plaats van achter je computer. Neem altijd een gevuld flesje water mee zodat je regelmatig kan drinken. Als je een drukke dag hebt, is het verleidelijk om je eigen behoeftes naar de achtergrond te schuiven om tijd te besparen. Uiteindelijk heb ik gemerkt dat ik veel effectiever werk als ik een korte pauze in plan zodat ik voldoende gegeten en gedronken heb. Dat doet ook wonderen voor je humeur. Je patiënten nemen het je dan ook in dank af als je aan jezelf denkt.

5. Houd de balans

Eén van de belangrijkste dingen in mijn ogen is dat de balans tussen je werk en privéleven goed moet zijn. Waar die balans ligt is afhankelijk van wat je belangrijk vindt. Wat vind je leuk om te doen? Waar haal je energie uit? Stel voor jezelf grenzen op en ga daar niet overheen. Ik heb bewust gekozen om vier dagen per week te werken. Ik heb dan meer tijd voor mijn sociale leven en om andere dingen te doen die ik leuk vind. De afdeling waar ik werkte was onderbezet. Het was dan ook een uitdaging om ook echt maar vier dagen te werken. Na een paar maanden koos ik er daarom voor om mijn werktijden strakker af te bakenen. Ik zet bijvoorbeeld mijn werktelefoon uit aan het einde van mijn werkdag en werk thuis niet meer buiten werktijd. Dit was in het begin spannend. Maar uiteindelijk leidde het tot het gewenste resultaat en leverde het me dus veel op.

 

Onze opdrachtgevers zijn onder andere