ArtsEen dokter mag niet ziek zijn, toch?

Een dokter mag niet ziek zijn, toch?
Naar actueel

Een dokter mag niet ziek zijn, toch?

Als Crohn-patiënt ligt Daniëlle elke zes weken aan een infuus in het ziekenhuis. Het is een rare dubbelrol om als net afgestudeerd arts aan de verkeerde kant van de tafel te zitten. Mag een dokter eigenlijk wel ziek zijn? Hoe ga je om met een intensieve baan als arts in combinatie met een ziekte die je tijdelijk uit de roulatie haalt? In deze blog deelt Daniëlle haar ervaringen.

In het 4e jaar van mijn studie geneeskunde liep ik mijn coschap chirurgie en had ik verschrikkelijke last van buikklachten. Niet de perfecte combinatie tijdens steriel staan op de OK, kan ik je vertellen. Een fikse buikgriep dacht ik. Ik had een aantal superinteressante poli-patiënten op de planning staan en ik wist dat ik steriel kon staan bij een onderbeenamputatie. Reden genoeg om met wat loperamide als noodrem toch naar mijn coschap te gaan. Dat ging niet van harte… Dus op de laatste dag van de week meldde ik mij dan toch telefonisch ziek bij mijn begeleider. “Wat een onzin dat ik thuisbleef. Wist ik niet wat ik zou gaan missen die dag?” Blijkbaar vond hij het niet acceptabel om als coassistent ziek te zijn.

De woorden ‘ziek’ en ‘arts’ gaan niet samen als de arts zelf het lijdend voorwerp is

Luie coassistent

Aangezien ik het echt - écht - niet zag zitten om weer met mijn buikklachten op de OK te staan, hield ik voet bij stuk en meldde ik me die dag officieel ziek. Het voelde als falen, alsof ik me er makkelijk vanaf maakte. De volgende maandag ging ik dan ook weer naar mijn coschap, bang om anders bekend te staan als de luie coassistent, of misschien nog erger. Toen er bij de overdracht geroepen werd of ik weer beter was, stamelde ik zachtjes “ja, het gaat wel weer”. Maar natuurlijk ging het niet beter. Ik heb veel geleerd in mijn coschap chirurgie, maar een van de hardnekkigste lessen was toch wel dat een dokter niet ziek mag zijn. De woorden ‘ziek’ en ‘arts’ gaan makkelijk samen in een zin, maar niet als de arts zelf het lijdend voorwerp van ziekte is, blijkt ook uit dit artikel van Medisch Contact.

Verwijzing MDL-arts

In de weken daarna ging het steeds slechter en verergerden mijn klachten. Oei, dacht ik. Misschien heb ik toch wel iets serieus? Na wat research stond M. Crohn bovenaan mijn dossier. Eindelijk ging ik dan toch naar de huisarts. Heel eerlijk: zelfs toen ben ik nog gepusht door mijn moeder. Zelf had ik nog de kop-in-het-zandstrategie: het gaat vanzelf wel over. Maar de huisarts was snel overtuigd en schreef een verwijzing naar de Maag-Darm-Lever arts. Vier weken later kon ik terecht voor een coloscopie. Wat duurden die 4 weken ontzettend lang! De kilo’s vlogen eraf en mijn energieniveau daalde ook naar ver onder nul.

Dom of doorzettingsvermogen? Ik begon toch aan mijn volgende keuzestage

Kamer naast de wc

Noem het dom, noem het doorzettingsvermogen, maar ik begon wel aan de volgende keuzestage: radiologie. Achteraf het beste coschap dat ik op dat moment had kunnen hebben. Een betrokken begeleider, die me alle vrijheid gaf om naar het ziekenhuis te gaan (die uren hoefde ik dan niet meer in te halen, dat zie je ook weleens anders) en ik kreeg een kamer precies naast de wc. In die periode is officieel de diagnose gesteld. Mijn begeleider gaf me een aantal dagen vrij om het even te laten bezinken. De dagen daarna mocht ik zelf bepalen hoeveel uren ik wilde werken.

De diagnose

Mijn arts vertelde me dat mijn diagnose inderdaad de juiste bleek te zijn. De eerste diagnose die ik ooit zelf heb gesteld: een merkwaardig hoogtepunt in mijn artsencarrière. Hij pakte de foto’s van de coloscopie erbij en het zag er precies uit zoals in college. Lelijke plekken in het laatste deel van mijn dunne darm en ze zaten overal. De diagnose was niet het heftigste deel van het gesprek. Wat voor mij echt binnen kwam, was de medicatie die ik voorgeschreven kreeg. Prednison, hoog gedoseerd. De dokter in spé in mij wist echt wel dat dat de aangewezen behandeling zou zijn. Toch kwam het binnen: nu ben ik officieel ziek. Met een ziekte waarvan ik talloze voorbeelden heb gezien in het ziekenhuis van vervelende operaties, complicaties en zelfs stamceltransplantaties omdat het zo uit de hand liep. 

Je hebt niet de persoonlijke afstand je als arts normaal hebt 

Te veel voorkennis

Als arts (in opleiding) heb je te veel voorkennis over je eigen ziekte. Ik wist alles over de complicaties van Crohn, hoe het zich kan uitbreiden, de symptomen die je ervan kan krijgen buiten de darm en hoe invaliderend de ziekte kan zijn. Het zoeken in alle medische literatuur helpt ook niet mee. Dat is denk ik het meest confronterend van de dubbelrol als patiënt: je hebt niet de controle en persoonlijke afstand die je normaal hebt als arts, maar je bent ook niet 100% patiënt. Je weet hoe het wereldje werkt, je weet hoe de ziekte werkt en kan uitpakken. 

Afgestudeerd

Met de prednison werd het leven weer normaal. De klachten waren weg, mijn energieniveau zat op een bedrieglijke 100%. Dat hoort bij prednison en dat wist ik. Gelukkig wist ik ook van tevoren over de verhoogde eetlust. Zonder mijn voorkennis had ik daar zomaar in kunnen trappen. Toen werd het tijd om de prednison weer te stoppen. Na langzaam stapje voor stapje af te bouwen, werd gekeken hoe het ging om alleen azathioprine eraan toe te voegen. Het duurde niet lang voor de klachten weer terug waren. Al met al heeft het een jaar geduurd voordat de medicatie optimaal was. Ik slik nu azathioprine, allopurinol en elke zes weken krijg ik infliximab. Dat stramien gaat nu al anderhalf jaar goed. Ik heb mijn coschappen kunnen hervatten en ben onlangs afgestudeerd.

Ik heb zelf ervaren hoe je als patiënt op een hele persoonlijke en heftige manier afhankelijk bent van je arts

Patiënt als arts

Ik zie mijn ervaring aan de andere kant van de tafel als een leerzame les over wat de patiënt verwacht van een arts. Ik heb zelf ervaren hoe je als patiënt op een hele persoonlijke en heftige manier afhankelijk bent van je arts. Je komt met – in mijn ogen – je belangrijkste eigendom bij een arts: je gezondheid. Ik weet hoe de spanning voelt voor elk doktersbezoek en na elke labcontrole. Hoe belangrijk openheid en communicatie is in de patiënt-artsrelatie (bewust andersom genoemd). En hoeveel vertrouwen er nodig is om de adviezen en medicatievoorschriften van de arts aan te nemen en op te volgen. 

Dokteren is niet alleen diagnoses stellen en behandelen. Het gaat om zoveel meer. De komende tijd ga ik aan de slag met mijn coach van Talent&Care. Hoe verweef ik mijn eigen ervaringen in wat voor arts ik voor mijn patiënten wil zijn? Ik hoop dat het mij lukt om de arts te zijn die ik zelf als patiënt zou willen hebben: betrokken, open en bekwaam.


Heb jij ook ervaringen uit je persoonlijke verleden die je wilt verwerken in je artsenrol? Kun je hierbij misschien hulp gebruiken? Kom kennismaken met Talent&Care. Arno Bisschop, arts en oprichter van Talent&Care gaat graag met je in gesprek. Bel 030 - 227 01 97 of mail info@talent-care.nl.

 

Onze opdrachtgevers zijn onder andere